Tag archief: houtkachel

Gemeente Beesel laat weten regels omtrent houtrook te hebben gemaakt…

gemeente beerselGemeente Beesel laat weten regels omtrent houtrook te hebben gemaakt: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beesel,

Overwegen:

– dat het college bevoegd is handhavend op te treden tegen hinder van houtkachels/ open haarden op

grond van het Bouwbesluit;

– dat het college op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een onderzoeksplicht heeft bij

de voorbereiding van besluiten (tot het opleggen van een stookverbod dan wel afwijzing van een

handhavingsverzoek);

– dat de beoordeling of er sprake is van hinder dient te geschieden aan de hand van algemene

maatstaven;

– dat dergelijke maatstaven ontbreken;

– dat de kosten voor het inhuren van een deskundig bureau kostbaar zijn;

– dat de uitkomst van een onderzoek, omdat wettelijke maatstaven ontbreken, onzeker is.

besluit:

– tot het vaststellen van de Beleidsregel Hinder van houtkachels/ open haarden.

http://www.beesel.nl/Bestuursinformatie/Vergaderingen/College/Archief_2014/Besluitenlijst_Week_11/Besluitenlijst_Week_11/15_Beleidsregel_hinder_van_houtkachels_open_haarden.org

Advertenties

…..de bewoners kregen als tip de (vieze) pijp te laten vegen…

Op kosten van de burgers weer gratis veegbeurt. Nederland is het een paradijs als je overal maling aan hebt. En dat zijn er heel veel met een houtkachel……..

steef 1389 [Desktop Resolutie]NIEUW-LEKKERLAND – In een schoorsteen van een woning aan de Claes de Jongestraat in Nieuw-Lekkerland is zondagmiddag 31 mei 2015 brand ontstaan. Rond 15.00 uur kwam er zoveel rook uit het afvoerkanaal, dat de brandweer werd gewaarschuwd. Een tankautospuit en een ladderwagen kwamen met spoed ter plaatse. De schoorsteen was met de ladderwagen slecht bereikbaar, doordat takken van een boom in de weg zaten. De takken werden weggezaagd, waarna de brandweer er alsnog bij kon. De schoorsteenpijp werd geramoneurd en de bewoners kregen als tip de (vieze) pijp te laten vegen.

In een naastgelegen pijp van het ventilatiekanaal, zat een vogelnest en een paar vogels. De diertjes zijn naar beneden gehaald. Daar namen medewerkers van dierenambulance De Kattenmand de zorg op zich.

Foto’s: Stefan van Aarle.

BRON

IMG_0289 [Desktop Resolutie]steef 1376 [Desktop Resolutie]steef 1387 [Desktop Resolutie]steef 1389 [Desktop Resolutie]steef 1395 [Desktop Resolutie]

In juni gaan de schoorsteenbranden gewoon doorrrrrrrrrrrrrrrrrr

Schade vergoeding voor gedupeerden van houtrook ehh tabaksrook….

Roken is ongezond. Na tig jaren is men daar wel achtergekomen.

AD 1-6-2015 Roken op straat in China AD 1-6-2015 Rookverbod luchtweginfecties

Houtrook is 12x slechter en  30 x meer kans op kanker dan tabaksrook , maar blijft gewoon legaal.

Je mag ongestoord de hele woonwijk in de houtrook zetten……

Gezellig die houtkachel en open haard???????, maar dan geen gezeur als je later ziek wordt en jaren loopt te klooien met je gezondheid,

FIJNSTOF IEDEREEN WORDT ER ZIEK VAN

Zevenberg aan de rook………………

Ook in de gemeente Zevenberg is het voor houtstokers een feest…..

Gemeente vindt dat er weinig aan de hand is………………..de foto laat wel even wat anders zien.

11058426_825546430871230_6523038216364075300_o

Houtrook nekt gezondheid Papoea’s

Houtrook nekt gezondheid Papoea’s

Tropenarts Vriend onderzocht de gevolgen van de nachtvuurtjes in Papoea-hutten

Zwaar hangt de houtrook in de hutten van de Papoea’s. De kleine vuurtjes brengen warmte tijdens de koude avonden en nachten in de bergen. De Papoea’s ademen de rook de hele nacht in, want een fatsoenlijk rookkanaal ontbreekt in hun traditionele onderkomens. Met funeste gevolgen voor hun gezondheid. stof-longDe meeste Papoea’s sterven een vroegtijdige dood ten gevolge van longverstijving.

Die conclusie trekt dr. W. H. (Wim) Vriend in zijn proefschrift “Smoky Fires” (Rokende vuren) waarin hij onder meer verslag doet van zijn werk en onderzoek onder de Papoea”s in de berglanden. Tussen 1960 en 1993 werkte Vriend als arts en algemeen chirurg, samen met zijn vrouw Ennie die verpleegkundige is, onder de Papoea”s in de bergdorpen. Afgelopen vrijdag promoveerde de thans in het Australische Brisbane wonende Vriend op 75-jarige leeftijd aan de Vrije Universiteit op onderzoek naar de gevolgen van houtrookinhalatie op de gezondheid van de berglandpapoea”s.

Vriend wilde als kind al zendingsarts worden. Een zendeling kwam op school in Den Haag vertellen over zijn werk. De vonk sloeg over. Vanaf dat moment wist de jonge Wim dat hij arts wilde worden om de zending in te gaan. En zo is het ook gegaan. Na zijn studie doorliep hij de gebruikelijke tropenopleidingen en werd hij in 1960 door de Nederlandse Hervormde Kerk als zendingsarts uitgezonden naar het ontoegankelijke Jalimo-gebied in de binnenlanden van Papoea, het vroegere Irian Jaya.

Voettocht

Vriend trok samen met dr. Siegfried Zöllner, die namens de toenmalige Rijnse Zending als predikant was uitgezonden, en twee Papoea”s uit de kuststreek vanuit de bestuursplaats Wamena te voet de bergachtige wildernis in, een wekenlange reis. Het Jalimo-gebied was nog een witte vlek op de kaart. Verreweg de meeste bewoners hadden nog nooit een blanke gezien. “Alleen een klein groepje sterke mannen die in staat waren de hoge bergkammen over te steken, hadden op andere plaatsen wel eens contact met blanken gemaakt.”

Eenmaal op de plaats van bestemming begonnen de pioniers, met hulp van de vriendelijke Papoea-bevolking, met de aanleg van een start- en landingsbaan voor kleine bevoorradingsvliegtuigjes. Golfplaten werden ingevlogen, onderkomens verrezen en een ziekenhuisje werd gebouwd. Vriend begon zijn werk als arts-chirurg, Zöllner startte met een taalstudie om het Evangelie te kunnen gaan verkondigen. Dat alles gebeurde op verzoek van de lokale GKI, de evangelisch-christelijke kerk van Irian Jaya.

Het ziekenhuis was redelijk compleet, vertelt Vriend. “Er stond een röntgentoestel en ik beschikte over een volledig chirurgisch instrumentarium.” Al snel dromden de Papoea”s samen voor het ziekenhuis. De reden daarvan was, dat Vriend hen met een enkele penicilline-injectie kon verlossen van een hardnekkige zwerende huidaandoening (frambosia).

Het chirurgische werk nam ook snel toe. Jarenlang stuurden alle op Papoea werkzame zendingsorganisaties hun chirurgische patiënten per vliegtuigje van de Mission Aviation Fellowship (MAF) door naar het huttendorp Angguruk, de plaats waar Vriend opereerde. Later verplaatste hij zijn werkterrein naar Wamena, waar hij een groot ziekenhuis op poten zette. Van daaruit had hij ook geregeld contact met wijlen ds. G. Kuijt, de bekende zendingspredikant die vanuit de Gereformeerde Gemeenten was uitgezonden naar Irian Jaya. “Kuijt kwam later dan ik. Hij vertrok vanuit Angguruk om zich in de Passvallei en Nipsan te vestigen, een paar bergketens verderop.”

Houtrook

Al snel kreeg de Papoea-dokter in de gaten dat de houtrook die zwaar in de hutten hing geen beste invloed had op de gezondheid van zijn patiënten. De hutten zijn gemaakt van jonge stammetjes en planken. Afhankelijk van de streek hebben de hutten een grasdak of een dak bestaande uit een dikke laag palmbladeren, zoals in het Jalimo-gebied het geval is. ”s Nachts stoken de berglandpapoea”s een vuur in hun hutten om warm te blijven. Vriend: “Overdag is het tropisch warm, maar ”s nachts daalt de temperatuur in de bergen tot een graad of tien. Omdat de Papoea”s grotendeels naakt zijn, hebben ze een vuur nodig om warm te blijven. Dat betekent dat ze zo”n twaalf uur per dag in de houtrook zitten of liggen.”

De sterfte onder de baby”s was bij de komst van Vriend zeer hoog. “Vele kleintjes stierven door de houtrook aan een ontsteking -bronchiolitis- van de kleinste luchtwegen, de bronchioli. Bovendien was zo”n infectie in de kleine hutten gemakkelijk overdraagbaar. Door de komst van penicilline konden we die luchtwegaandoening effectief bestrijden.” Het was echter een vorm van symptoombestrijding, want de oorzaak, de rook, was er niet door verdwenen.

De volwassen berglandpapoea”s zijn over het algemeen atletisch en fit door het werken in hun tuinen op de berghellingen, waar ze zoete aardappelen en allerlei groenten kweken. Bij het toenemen van de jaren worden ze echter steeds meer kortademig. Hun ademkracht neemt af doordat het longweefsel stijver wordt. Fumacosis noemt Vriend dit ziektebeeld. “Dat achteruitgangsproces verloopt geleidelijk en onmerkbaar. De berglandpapoea”s merken er zelf nauwelijks wat van. Ze sterven ”s nachts in stilte, vaak niet ouder dan een jaar of 45 à 50. Een enkeling wordt 55.”

Basale aanpak

Vriend probeerde zijn opdrachtgevers in Nederland te interesseren voor een meer basale aanpak. De Papoea-dokter zegt er alles aan te hebben gedaan om een project van de grond te krijgen ter verbetering van de huisvesting van de berglandpapoea”s. Hij kreeg echter nul op het rekest. “Ik heb voorgesteld een mobiele houtzagerij te bouwen. Water van de vele bergriviertjes zou de zagerij kunnen aandrijven. Met de planken zouden de Papoea”s huisjes van duurzaam hout kunnen bouwen met een fatsoenlijk rookkanaal erin. De zending wilde dat echter niet. Daardoor is de huisvesting van de berglandpapoea”s nog steeds slecht.”

Een voor Vriend zeer frustrerende ervaring, zo geeft hij toe. Toch is hij niet bij de pakken neer gaan zitten. Toen de tropenarts na zijn pensionering meer tijd kreeg, besloot hij een onderzoek op te zetten naar de gevolgen van houtrookinhalatie, om de daaraan verbonden gezondheidsproblemen wetenschappelijk te kunnen onderbouwen in een poging meer aandacht voor het probleem te krijgen. Opnieuw echter stuitte Vriend op belemmeringen bij de financiering van zijn plannen.

Het toenmalige ministerie van Ontwikkelingssamenwerking gaf financiële voorrang aan de ontwikkeling van een malariavaccin. Simavi, dat Vriend dertig jaar lang had voorzien van chirurgisch instrumentarium, kon hem niet helpen aan onderzoeksuitrusting. En het ICCO, de Interkerkelijke organisatie voor ontwikkelingssamenwerking, had ook geen mandaat voor zo”n financiële injectie. Uiteindelijk kocht de MAF een computer voor Vriend en de in 1993 overleden prof. dr. P. H. van Thiel, hoogleraar tropische geneeskunde in Leiden, zorgde voor financiële ondersteuning van het veldwerk. Van Thiel staat dan ook boven aan de lijst van mensen aan wie Vriend zijn proefschrift heeft opgedragen.

Eigen formule

De tropenarts ontwikkelde, in samenwerking met wijlen prof. dr. A. Woolcock uit Sydney, een zelfgemaakte spiro- of ademhalingsmeter. Woolcock onderzocht in het oostelijke deel van het eiland, Papoea-Nieuw-Guinea, dezelfde aandoening. De spirometer bevatte onder meer een blaasbalg. De Papoea”s moesten blazen in een slang. Vervolgens keek Vriend niet alleen hoe groot hun longvolume was, maar ook hoe snel ze de lucht uit hun longen konden blazen. Die gegevens vermenigvuldigde de promovendus met elkaar, waarbij hij gebruikmaakte van een nieuwe wiskundige formule waarop hij een patent heeft genomen. “Zo”n soort meting is ongebruikelijk onder longartsen. Zij kijken niet naar het resultaat, de ademkracht, maar naar het ademvolume of alleen naar de stroomsnelheid. Je moet de uitkomsten van die twee echter met elkaar vermenigvuldigen. Dan kun je de ademkracht berekenen”, vertelt Vriend.

Als controlegroep fungeerden in het onderzoek Papoea”s uit de kustgebieden. Het zijn veelal ambtenaren die in goede huizen wonen. Ze stoken ”s nachts geen houtvuren omdat het aan de kust veel warmer is. Als ze in de bergen zijn, slapen ze onder een deken. De uitkomsten van Vriends onderzoek waren duidelijk: de longcapaciteit van de bergpapoea”s bleek veel te klein te zijn en hun ademkracht was ook beduidend minder dan die van de kustpapoea”s, terwijl die bovendien nog eens kleinere longen hebben.

Mogelijk werpt de nieuwe onderzoekmethode ook nieuw licht op de longfunctie van mensen in geïndustrialiseerde landen die leven in gebieden met veel luchtvervuiling. Het is volgens Vriend interessant om daarnaar onderzoek te doen.

Is een rookgat in het dak van de hutten van de berglandpapoea”s geen simpele oplossing voor dit probleem? “Nee, dat is te koud. Collega”s hebben een lemen hut gemaakt met een schoorsteen erin. Het lukte echter, ook na vele pogingen, niet om het dak regendicht te maken rond de schoorsteenpijp. Een nadeel is ook dat in de spleten die in zo”n lemen hut ontstaan allerlei ziekteverwekkende insecten gaan zitten.”

De compagnon van Vriend, de inmiddels eveneens gepensioneerde dominee dr. Siegfried Zöllner, is momenteel coördinator van het Duitse Papua-Netzwerk. Hij volgt de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen in Papoea op de voet en is van mening dat het momenteel gezien de politieke omstandigheden niet mogelijk is het huisvestingsprobleem aan te pakken. Vriend: “Die tijd is menselijkerwijs gesproken voorbij. In dat opzicht hebben we gefaald.”

Provincial government trying to put damper on wood-burning fireplaces

MONTREAL – Throwing a log on an open fire could be a thing of the past if the provincial government has its way.

The provincial government is trying to dampen Montrealers’ enthusiasm for wood burning stoves and fireplaces.

On Monday it launched a new program, overseen by the non-governmental agency Equiterre, to replace or remove polluting appliances across the island.

Sustainable Development Minister Pierre Arcand says Quebec hopes 4,000 Montrealers will take part.

“We do our part. It’s a $6 million investment on the part of the ministry,” said Arcand.

The program, called “Feu-Vert” will try to convince people who use stoves for heating to replace them with newer, more environmentally-friendly wood stoves or gas-burning fireplaces.

The province says the ultimate goal is to improve air quality in and around Montreal, and cited figures showing a traditional wood fireplace spews as many fine particle pollutants into the air in nine hours as a car will in an entire year.

Those fine particles are responsible for smog, especially in winter, when Montreal has in recent years seen a growing number of days with bad air quality.

They also make it very difficult to breathe for people who already have lung conditions.

In the spring of 2009 the city of Montreal passed a bylaw banning the installation of fireplaces and wood-burning stoves.

That law was promptly challenged by an association of manufacturers and several homeowners, who argue the city should allow high-efficiency wood burning stoves.

That case is currently before the courts.

Provincial law, along with many suburban cities, say any new stoves should comply with emission standards written by the U.S. Environmental Protection Agency.

So before ripping out an old stove or getting rid of a fireplace, homeowners should contactEquiterre to determine what they will be allowed to put in its place — and if they are eligible for a subsidy that ranges from $300 to $900.

“They can check on the website, and then they call us and we’ll make sure everything is okay so they can go and shop for their new stove,” said Isabelle St-Germain of Equiterre.

If the pilot project is well-received, the government will continue and expand it.

“In the years to come there will be more money that will be put by the government on this,” said Arcand.

Montreal moves to eliminate all fireplaces within city limits

MONTREAL — Throwing a log on an open fire will soon become a thing of the past in the city of Montreal if councillors have their way.

Earlier this year, in a decision that did not come under much scrutiny, Montreal’s Executive Committee ordered the elimination of all wood-burning fireplaces by Dec. 31, 2020.

Homeowners with wood-burning stoves or fireplaces will have to permanently render them inoperable, have them removed, or have them replaced with a fireplace that burns gas or a stove that burns EPA-approved pellets.

City council ratified the decision on June 18 by a vote of 45 to 1, however it appears the decision is not yet final; public consultations will take place later this year, and a final vote is scheduled to happen after municipal elections in November.

Josée Duplessis, the Committee member responsible for parks and the environment, said this is a move to make sure the air quality in Montreal improves.

“We’re going to give the opportunity to citizens to come and talk about what they think about this ruling, and then we’re going to adopt at the municipal council the ways to apply this regulation,” he said.

“This regulation will be applied in 2020.”

A total of 41 of the 49 ‘bad-air days’ that the city of Montreal had in 2012 all happened during the winter, and the city of Montreal blames soot generated by stoves and fireplaces.

Norman King, of Montreal’s public health department, estimates that air pollution kills hundreds of people in Montreal each year.

“Studies have shown, when we extrapolate to the Montreal reality that close to 1,000 people per year die prematurely due to their chronic exposure to fine particulate air pollution,” said King

The city of Montreal has been pushing homeowners to eliminate wood-burning appliances for several years, starting in 2009 when city council adopted a bylaw banning the installation of wood-burning stoves or fireplaces in any newly-constructed home.

Businesses that sell stoves criticized that bylaw, saying the city should promote high-efficiency stoves instead of pushing for outright bans.

“You know, you have some people in Montreal that really like wood stoves,” said Normand Hamel.

The owner of Poeles et Foyers Rosemont says replacing an old-fashioned fireplace can cost up to $5,000.

“To have this kind of drastic decision in Montreal is an expense for the consumers of Montreal,” he said.

To that end the provincial government created the ‘Feu-Vert’ program in 2011 to convince homeowners to replace wood-burning stoves for those using propane, natural gas, wood pellets or electricity.

‘Feu-Vert’ offers people up to $900 for installing a new stove, but the program comes to an end on Dec. 31, 2013.

About 85,000 homes within city limits have fireplaces or wood-burning stoves.

Ook in nieuwe wijken is het ‘feest’

Schoorsteenbrand in woning Grootzeil

(Foto: Friedlander)
1 / 4
zoom out

ALMERE – In een woning aan het Grootzeil in Almere is zondagmiddag brand uitgebroken. De brand ontstond in de schoorsteen.

De brandweer is ter plaatse geweest om de brand te blussen en de schoorsteen schoon te maken.

Over de schade die de brand heeft aangericht en de oorzaak van de brand is nog niks bekend.

Het toenemend aandeel van de huishoudens in de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen valt op. In Vlaanderen verwarmen er momenteel meer gezinnen hun woning met hout.

logovmmPERSMEDEDELING VLAAMSE MILIEUMAATSCHAPPIJ  Aalst, vrijdag 19 december 2014

De luchtkwaliteit in Vlaanderen is de voorbije decennia verbeterd,  maar het aandeel van de huishoudens en het verkeer stijgt

De luchtkwaliteit in Vlaanderen is de voorbije jaren verbeterd. Dat blijkt uit de resultaten van twee rapporten die de Vlaamse Milieumaatschappij vandaag publiceert. In 2013 werden aanzienlijk minder verontreinigende stoffen geloosd dan in 2000. Dat heeft uiteraard een positieve impact op de omgevingslucht. In 2013 haalde Vlaanderen de meeste Europese doelstellingen voor luchtkwaliteit. Opvallend is dat het aandeel van huishoudens en verkeer in de uitstoot van verontreinigende stoffen toeneemt.

Jaarlijks publiceert de VMM twee rapporten die een totaalbeeld geven van hoe het gesteld is met de luchtkwaliteit in Vlaanderen. Het rapport ‘Lozingen in de Lucht 2000-2013’ inventariseert de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen en broeikasgassen en gaat na welke sectoren hiervoor verantwoordelijk zijn. Het rapport ‘Luchtkwaliteit in het Vlaamse Gewest – 2013’ vat de resultaten van de luchtkwaliteitsmetingen samen. De toetsing aan de Vlaamse en/of Europese wetgeving en de trend over de jaren heen komen aan bod.

Minder uitstoot van luchtverontreinigende stoffen in Vlaanderen

Op ruim tien jaar tijd is de uitstoot van stoffen die ozon vormen met een derde verminderd. Stoffen die ozon afbreken in de hogere luchtlagen het gat in de ozonlaag – zijn zelfs met 82% afgenomen. De verzurende emissie, verantwoordelijk voor de ‘zure regen’ halveerde, vooral door een dalende uitstoot van zwaveldioxide. Verder becijfert het rapport dat de uitstoot van fijn stof met 2% afnam.

De overschakeling naar aardgas, de afname in steenkoolverbruik en het lager zwavelgehalte in fossiele brandstoffen zorgden voor een daling van de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen. Verder voerde de industrie heel wat saneringen door en verhoogde ze haar efficiëntie, ook dat heeft een positief effect op de luchtkwaliteit.

Stijgend aandeel huishoudens en verkeer

Het toenemend aandeel van de huishoudens in de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen valt op. In Vlaanderen verwarmen er momenteel meer gezinnen hun woning met hout. Dat leidt tot een duidelijke toename van de emissies van onder meer fijn stof en polyaromatische koolwaterstoffen (PAK). Ook het wegverkeer blijft voor veel uitstoot van luchtverontreinigende stoffen zorgen. Het aantal wagens en de kilometers die gereden worden blijven steeds toenemen.

Persinfo: Katrien Smet Woordvoerder Vlaamse Milieumaatschappij T 053 72 65 73  |  M 0473 99 28 70 k.smet@vmm.be