“Goed stoken” is een ‘theorie’, maar de praktijk …….. (in ontwerp)

Houtstook door particulieren, hoe voorkom je overlast?

628x471 (3)

Het gebruik van open haarden, inzethaarden en houtkachels voor het (geheel of gedeeltelijk) verwarmen van woningen neemt de laatste jaren toe.  Ook is er een toename van het gebruik van houtstook in tuinen (terraskachels e.d.), tuinhuisjes en schuren. Ongeveer 20% van de Nederlandse huishoudens bezit een houtkachel of open haard.

 

Het stoken van hout kan voor de omwonenden overlast opleveren in de vorm van geurhinder, gezondheidseffecten en roetneerslag, samengevat als stookoverlast. Zo’n 10- 12% van de Nederlanders ondervindt geurhinder door houtstook in hun directe omgeving en veel burgers ondervinden schadelijke gezondheidseffecten van houtrook.

In de meeste situaties waarin hout wordt gestookt door particulieren is de stookoverlast beperkt tot een aanvaardbaar niveau of niet aanwezig. Maar in heel wat gevallen is er wel stookoverlast en voor die situaties is deze toolkit ontwikkeld.

Toolkit

Ondanks dat er veel informatie en ervaring over stookoverlast is, blijkt dat zowel bij de gehinderde burger als bij gemeenten een gebrek aan kennis is. Om hieraan tegemoet te komen is een toolkit gemaakt, die kan helpen om de stookoverlast aan te pakken en te verminderen.  De  toolkit gaat niet over stookoverlast door verbranding in de publieke ruimte van schoon hout of afval(hout), zoals kerstbomen of snoeihout en ook niet over het stoken van hout door bedrijven. De  toolkit beperkt zich tot de gevolgen van houtstook door particulieren.   In  deze toolkit is reeds beschikbare informatie beter toegankelijk gemaakt. De toolkit bevat achtergrondinformatie en stappenplannen voor de volgende doelgroepen: de stoker, de gehinderde, de gemeente en de GGD. In de stappenplannen zijn wettelijke verplichtingen, handhavingsmogelijkheden en juridische aspecten vermeld, zodat het voor gemeenten en gehinderden duidelijk is welke mogelijkheden en verplichtingen er zijn. Daarnaast bevat de toolkit een aantal hulpmiddelen om de lokale problemen daadwerkelijk aan te pakken en te verminderen. Nieuw, en een aanvulling op de bestaande informatie, is dat in het stappenplan voor gemeenten wordt ingezoomd op een aantal stappen om concreet de mate van hinder te kunnen vaststellen.   De toolkit bestaat uit de volgende onderdelen:

1.  Achtergrondinformatie
2.  De 10 stooktips
3.  Stappenplan houtstoker
4.  Stappenplan gehinderde
5.  Stappenplan gemeente
6.  Stappenplan GGD
7.  Checklist controle houtstook

Achtergrondinformatie

Stookoverlast

Het stoken van hout kan voor de omwonenden overlast opleveren in de vorm van geurhinder, roetneerslag en gezondheidseffecten, samengevat als stookoverlast. Stookoverlast door particulieren is een complex probleem omdat er veel kleine bronnen in de particuliere sfeer zijn. De wijze van stoken bepaalt in belangrijke mate wat er aan houtrook uit de schoorsteen komt. De gemeente kan er moeilijk grip op kan krijgen omdat het ingrijpt in de privésfeer van de burger. Het probleem is in veel opzichten vergelijkbaar met de problematiek van rokers of  van het particuliere autoverkeer. Roken speelt zich af in de privésfeer, maar heeft grote consequenties voor andere burgers in de vorm van ‘meerokers’. Hetzelfde geldt voor omwonenden van verkeerswegen. Voor beide voorbeelden geldt dat er inmiddels actie is ondernomen door de Nederlandse overheid of in Europees verband.   Tot op heden wordt het probleem van stookoverlast beschouwd als een lokaal probleem  dat de gemeentelijke overheid moet oplossen. De gemeentelijke overheid ziet zich vaak gesteld voor een probleem waarbij de emoties van burgers onderling hoog oplopen, en waarbij een objectieve beoordeling van de overlast niet eenvoudig is te maken. De ervaring wijst verder uit dat het niet eenvoudig is om met de beschikbare mogelijkheden tot een oplossing te komen.

Preventie

Bewustwording bij de burger dat hout stoken potentieel overlast kan veroorzaken bij de buren en overdracht van kennis over wat je kunt doen als er overlast ontstaat wordt algemeen gezien als een belangrijk spoor om iets aan deze problematiek te doen. Gemeenten en GGD-en kunnen op hun website en via papieren of digitale nieuwsbrieven en kranten burgers informeren over goed stookgedrag. Ook organisaties zoals milieuverenigingen, de kachelbranche en houtverkopers kunnen informatie ter preventie verstrekken.

Goed stoken

Het voorkomen van overlast begint bij ‘goed stoken’. Er zijn veel zaken die van invloed zijn op de samenstelling van de houtrook en daarmee op het probleem van stookoverlast. Dit zijn onder andere: de kachel , het stookgedrag, de gebruikte brandstof en het rookkanaal. Ook zijn de weersomstandigheden van belang vanwege de verspreiding van de rookgassen. Uitgebreide informatie over deze onderwerpen en te nemen maatregelen zijn opgenomen in ‘de 10 stooktips’.   Stookoverlast kan alleen optreden als de (rook)gassen die het rookkanaal verlaten bij de gehinderde terecht komen. Hoeveel  (rook)gassen bij de gehinderde terecht komen hangt af van verschillende factoren. De stookduur in relatie tot de weersomstandigheden is een belangrijke factor. Verder beïnvloeden de hoogte van de schoorsteen, de omliggende bebouwing, of andere obstakels, zoals bomen, de verspreiding van de (rook)gassen. Tenslotte is de afstand tussen de bron en de gehinderde van belang.

Goed stoken kan worden samengevat als: stoken met een kachel op bedrijfstemperatuur, gebruik van droog schoon hout, rekening houden met de weersomstandigheden, beperken van de stookduur tot een paar uur per dag  en zorgen voor een goede verspreiding van de rookgassen.

Effecten

newheater Schone rook bestaat niet, dat betekent dat er altijd effecten (geurhinder, gezondheidseffecten en roetneerslag) kunnen optreden. Deze effecten kunnen optreden bij zowel de stoker als de omwonenden.

Het meest voorkomende en beschreven gezondheidseffect van geur is hinder (OAG, 2006). Hinder wordt in wetenschappelijke zin op verschillende, maar vergelijkbare, manieren gedefinieerd. Uit alle definities komt naar voren dat het effect van pijp-des-doods_resizegeur niet alleen hinder is, maar ook de verstoring van gedrag of activiteiten. Dit betekent dat een verstoring van het gedrag, bijvoorbeeld het binnen blijven met gesloten ramen, als gevolg van de blootstelling aan rook, of het treffen van compenserende maatregelen, ook als hinder of overlast moet worden beoordeeld.

Als de afgassen van houtstook geen directe gezondheidsklachten geven, maar wel naar rook ruiken, dan kan dat hinderlijk zijn. De mate van hinder hangt mede af van hoe iemand de geur ervaart. Sommige mensen vinden het aangenaam als ze rook ruiken, anderen ervaren het als stank. Algemeen geldt dat elke geur, ook een aangename, op een gegeven moment hinderlijk wordt als de intensiteit hoog is en/of de blootstelling lang duurt.  Regelmatig veel hinderlijke geur ervaren is een vorm van overlast en kan gepaard gaan met ongewenste stress. 

Hoe de geur ervaren wordt hangt allereerst af van de waargenomen intensiteit van de geur en de frequentie en duur van de waarnemingen. Het is bekend dat geurhinder van houtrook kan optreden tot een afstand van 700 meter (Blauw 2009). Bij goed stookgedrag zal normaal gesproken geen onacceptabele geurhinder optreden als er niet meer dan 4 uur per dag en niet dagelijks wordt gestookt (Blauw, 2009). Overigens zijn de optimale stookomstandigheden met een open haard niet te realiseren.

Lucht met rook is ongezond, zeker als de hoeveelheid schadelijke stoffen prikkelend is voor ogen, neus en keel en effecten heeft op de luchtwegen. In het RIVM rapport “Gezondheidseffecten van houtrook”, (RIVM, 2011) wordt ingegaan op de acute gezondheidsklachten en chronische gezondheidsklachten. Acute gezondheidseffecten die zijn onderzocht in samenhang met kortdurende blootstelling aan hoge niveaus van houtrook zijn voornamelijk effecten op de luchtwegen, zoals luchtwegklachten en verminderde longfunctie, en op hart en bloedvaten. Deze effecten zijn vooral aangetoond in de woningen waar wordt gestookt.

Neerlag van roet op was, ramen, kozijnen en tuinmeubelen is ook een veel voorkomende vorm van overlast.

 Wettelijk kader

Voor houtstook door particulieren zijn geen normen gesteld. Dat wil zeggen dat het niet eenduidig is bij welke “waarde” de stoker een verbod overtreedt. Wat is er wel wettelijk geregeld rond luchtverontreiniging door houtstook door particulieren?

Bouwbesluit 2012

De belangrijkste bepaling is een verbod in het Bouwbesluit 2012, artikel 7.22:
Onverminderd het bij of krachtens dit besluit of de Wet milieubeheer bepaalde is het verboden in, op of aan een bouwwerk of op een open erf of terrein voorwerpen of stoffen te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten of werktuigen te gebruiken, waardoor:

*. op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze rook, roet, walm of stof wordt verspreid
*. op voor de omgeving hinderlijke of schadelijke wijze stank, stof of vocht of irriterend materiaal wordt verspreid of overlast wordt veroorzaakt door geluid en trilling, elektrische trilling daaronder begrepen, of door schadelijk of hinderlijk gedierte, dan wel door verontreiniging van het bouwwerk, open erf of terrein,

Dit betekent dat wanneer het stoken van hout leidt tot hinder voor de omgeving of verspreiding van schadelijke stoffen, er sprake kan zijn van een overtreding van dit artikel. Burgemeester en Wethouders hebben de taak om in geval van een indicatie van overtreding van dit artikel handelend op te treden. Dat handelend optreden bestaat in eerste instantie uit het verifiëren van de overtreding en indien de overtreding wordt vastgesteld, het (laten) treffen van maatregelen die de overtreding teniet doen.

Er zijn ook verscheidene voorschriften in het Bouwbesluit 2012 opgenomen over technische aspecten van een rookgasafvoerkanaal en de opstelplaats van een open verbrandingstoestel. Deze verschillen voor nieuwbouw en bestaande bouw. Ze zijn niet zozeer gericht op overlast voor omwonenden,  maar op verschillende veiligheidsaspecten. Enkele voorbeelden zijn art. 2.59, 2.60, 2.64, 2.65, 3.48-3.61, 7.9 uit het Bouwbesluit 2012. Er geldt ook een verbod op het stoken van afval of bewerkt hout.  De Wet milieubeheer staat niet toe om afvalhout te verkopen als stookhout.( Bij GAMMA geen probleem zie rubriek jiskefik) Het is ook niet toegestaan om afval in een open haard of houtkachel te verbranden.

 Jurisprudentie

Naast wet- en regelgeving is ook van belang hoe rechters eerder hebben geoordeeld. Bij de tussenuitspraak in beroep van 25 juni 2012 is door de bestuursrechter van de Rechtbank Limburg (ECLI:NL:RBROE:2012:BW8974) bepaald dat het onderzoek door het geurpanel van toezichthouders niet kon worden aangemerkt als een zorgvuldig onderzoek. Er lag een zekere willekeur ten grondslag aan de samenstelling van het geurpanel en er was niet sprake van valide en toetsbare criteria bij de selectie van het geurpanel. Tevens waren de panelleden niet ter zake deskundig. Het beroep in einduitspraak (ECLI:NL:RBLIM:2013:28) en het hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2013:2132) bleven echter niet in stand omdat appellanten, de verzoekers om handhaving, geen contra-expertise hadden laten uitvoeren tegen het latere deskundigenonderzoek.

Stappenplan voor de houtstoker

U stookt regelmatig hout in een open haard of houtkachel en u vraagt uzelf af of u daarmee  overlast in de vorm van geurhinder of gezondheidseffecten in uw omgeving kunt veroorzaken? U wordt benaderd door omwonenden met klachten over de houtrook? Dan geeft dit stappenplan u inzicht in wat u kunt doen om deze overlast te verminderen.  Stap 1. Kan er overlast door houtrook optreden? U kunt zelf nagaan of in uw omgeving de rookgassen van uw houtkachel of open haard zijn waar te nemen. Dat kan door zelf te gaan observeren of u de rook kunt zien (kleur en dichtheid) en of u geur kunt waarnemen. Als u de rookgassen kunt waarnemen bij het verlaten van het rookkanaal of in de omgeving op diverse afstanden en bij verschillende weerstypen is het verstandig na te gaan of u aan de wettelijke bouwvoorschriften (zie achtergrondinformatie) voldoet en of u op de juiste wijze stookt. Zie hiervoor ‘de 10 stooktips’. Als de rookgassen in de omgeving waarneembaar zijn, ga dan naar stap 2.  Stap 2. Treed in overleg met de klager.  Als een van uw buren bij u komt met een klacht over houtrook, probeer dan samen na te gaan wat er aan de hand is. Een klacht is een uiting van ongenoegen. Dat is iets om serieus te nemen en om te bespreken. Door een klacht te bespreken, blijft u in gesprek met uw buren, de basis om tot een oplossing te komen. Ga samen met de klager na onder welke omstandigheden de overlast plaatsvindt en waar de overlast uit bestaat. Denk aan tijdstippen, duur, soort overlast (geur, prikkelende ogen, hoesten), binnenshuis of buiten. Probeer samen de rookgassen waar te nemen, dan weet u beiden waar het over gaat.

Stap 3. Leg de stookwijze vast.  Ga na waar het probleem zou kunnen liggen. Als er klachten zijn, is het verstandig een stooklogboek bij te houden, zodat duidelijk wordt of de klachten overeenkomen met de tijdstippen waarop u stookt. Daarin kunt u de volgende gegevens noteren:
–  datum en duur dat u hout stookt
–  weersomstandigheden tijdens het stoken (windsnelheid en -richting, neerslag, mist)
–  de herkomst en de droogte van het hout dat u heeft gebruikt.

Stap 4. Verbeter uw stookgedrag. Volg de 10 stooktips en vraag bij de klagers of er verbetering is. Hopelijk is hierna het probleem opgelost. Ga er niet van uit dat de overlast na één gesprek helemaal over is. Het is zinvol om na een bepaalde tijd, afhankelijk van uw stookfrequentie, bij uw buren te informeren of de overlast is verminderd of weggenomen. Gebruik bij dit overleg het stooklogboek.  Optioneel Stap  5. Vraag anderen te bemiddelen. Als overleg onvoldoende oplevert, kunt u een derde partij vragen om te bemiddelen. Deze partij is bij het gesprek aanwezig als een onafhankelijke partij, die probeert tot overeenstemming te komen. Hiervoor kunt u verschillende instanties inschakelen, zoals de politie (wijkagent) of buurtbemiddeling.

De 10 stooktips

1.  Zorg voor de juiste grootte van uw kachel in verhouding tot de ruimte die u wilt verwarmen. In veel gevallen heeft een kachel een te grote capaciteit. Het wordt dan al snel te warm tijdens het stoken, waardoor u het vuur gaat temperen (smoren). Hierdoor komen er veel meer schadelijke stoffen vrij omdat sprake is van onvolledige verbranding. Op Internet zijn verschillende sites met een rekentool of een grafiek waarmee u de benodigde capaciteit kunt berekenen, in de praktijk is het beter om een specialist in te schakelen hiervoor. Deze specialist kan uw situatie als geheel beoordelen en u adviseren.

2.  Laat uw schoorsteen en rookkanaal goed afstemmen op uw haard of kachel. Met een goed afgestemde en geïsoleerde schoorsteen en rookkanaal worden de rookgassen op de juiste manier afgevoerd. Dit is belangrijk voor uw eigen gezondheid en voor het voorkomen van schoorsteenbranden. Laat een installateur bepalen of uw schoorsteen en rookkanaal geschikt is. Een rookkanaal dat te laag is, of dicht in de buurt van omliggende panden is aangebracht, kan een oorzaak zijn van overlast omdat de houtrook zich niet goed kan verspreiden. Ook een regenkap op het rookkanaal kan de uitstroom van de rookgassen belemmeren een reden zijn voor een slechte verspreiding.

3.  Laat minstens één keer paar jaar uw schoorsteen vegen door een erkend vakman. Regelmatig uw schoorsteen laten vegen voorkomt problemen.

4.  Maak een houtvuur aan met aanmaakblokjes en  kleine houtjes. Het vuur aanmaken met vloeibare stoffen is uit den boze. Een goede methode is beginnen dik hout op de as, daarop losse houtjes en aanmaakblokjes en steek dit aan1. . Volg de vulinstructies van de kachelleverancier of fabrikant. Stapel het hout losjes, zodat de lucht er goed bij kan.

5.  Stook alleen droog, onbehandeld hout. Alleen gekloofd hout, dat minimaal twee jaar buiten onder een afdak te drogen heeft gelegen en niet te dik is (max. 7 cm), is geschikt voor uw open haard of houtkachel. U herkent droog hout aan scheuren en loszittende schors. Het stoken van nat hout zorgt voor onvolledige verbranding. Bovendien geeft nat hout veel minder warmte af en leidt het stoken van nat hout eerder tot roetaanslag en schoorsteenbranden. Stook geen hout dat geverfd, gebeitst of geïmpregneerd is. Ook sloophout, multiplex en spaanplaat zijn niet geschikt. Hierbij kunnen (zeer) schadelijke stoffen, zoals chloorverbindingen, PAK’s en zware metalen vrijkomen.

6.  Stook niet bij windstil of mistig weer. Door gebrek aan wind of bij mist blijven rookgassen om het huis hangen. Dit is schadelijk voor uw gezondheid en voor die van uw buren. Een windkracht van minder dan 2 op de schaal van Beaufort wordt beschouwd als windstil weer.  (In de avond is er meestal geen tot heel weinig wind en wie gaat dit controleren?)

7.  Zorg voor voldoende frisse lucht in de ruimte waar gestookt wordt. Bij het stoken komen schadelijke stoffen vrij. Bovendien verbruikt een open haard veel lucht. Een houtkachel verbruikt veel minder lucht dan een open haard. Ventileer de woning voortdurend door een raam of deur op een kier te zetten tijdens het stoken.

8.  Zorg voor volledige luchttoevoer. Zet de uitlaatklep naar de schoorsteen volledig open als u begint met stoken. Goede houtkachels zijn voorzien van regelbare kleppen, waarmee de luchttoevoer kan worden geregeld. Zet ook deze kleppen volledig open tijdens het stoken. Als het vuur te heet wordt, kunt u minder brandstof toevoegen. Verminder dan niet de luchttoevoer. Deze omstandigheden zijn met een open haard niet te realiseren.

9.  Controleer regelmatig of u goed stookt. U kunt eenvoudig zelf controleren of u goed stookt. Loop even naar buiten om de kleur van de rook uit uw schoorsteen te controleren. Kleurloze rook wijst op een goede verbranding. Gekleurde rook (wit, grijs, zwart, blauw) duidt er op dat de verbranding slecht is. De vlam in de houtkachel moet heldergeel zijn en niet flakkeren. Een oranje, onregelmatige vlam duidt op een niet volledige verbranding. Verbeter bij donkere rook of oranje vlammen de luchttoevoer.

10. Laat een houtvuur vanzelf uitbranden. Als u een houtvuur tempert door de luchttoevoer te verminderen, komen veel schadelijke stoffen vrij. Laat het vuur daarom vanzelf uitbranden.

 http://www.richtigheizen.at/ms/richtigheizen_at//richtigheizen_home/

 

 

 

vervolg…………

handhier

 

 

pdfLees hier de PDF file Toolkit Houtstook aanpak overlast

 

Advertenties

2 Reacties op ““Goed stoken” is een ‘theorie’, maar de praktijk …….. (in ontwerp)

  1. houtrook 24 mei 2014 om 12:03

    Vul hier je commentaar in.

  2. Moi 24 mei 2014 om 12:04

    Wauw 700 meter stank van 1 kachel!!!!!!!!!!!!!! Bij mij staan er 46 in een straal van 700 meter!!!!!!!!!!!!!!! Gratis paling roken hier in de straat. 😦

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: